De meeste voetballers zien hun vermogen dalen door een slechte transfer of een afgebroken contract. Bij Quincy Promes ligt dat anders. Zijn vermogen daalt door een rechtszaak. Het Openbaar Ministerie eist sinds mei 2026 acht miljoen euro aan vermeend crimineel vermogen terug van de oud-voetballer, bovenop een al jaren slepende strafzaak die zijn financiële situatie volledig op zijn kop zette.
Van 33 miljoen op het hoogtepunt
Tijdens zijn actieve carrière als profvoetballer verdiende Promes naar schatting ongeveer 33 miljoen euro. Hij speelde voor FC Twente, Spartak Moskou en Ajax, en werd in 2019 voor 15,7 miljoen euro overgenomen door Ajax. Dat soort transfersommen, gecombineerd met jarenlange topsalarissen en interlands voor Oranje, vormden de basis van een vermogen dat tot de grotere bedragen in het Nederlandse voetbal behoorde. Dat hoogtepunt ligt inmiddels ver achter hem.
De veroordeling die alles veranderde
In februari 2024 veroordeelde de rechtbank Promes tot zes jaar cel voor zijn betrokkenheid bij de smokkel van ruim 1.350 kilo cocaïne via de haven van Antwerpen. De smokkel vond eind januari 2020 plaats, verstopt in zakken zeezout aan boord van een containerschip uit Brazilië. De douane onderschepte destijds een deel van de lading. Promes ontkent nog altijd iedere betrokkenheid. Naast deze zaak liep er ook een strafzaak rond een steekpartij tijdens een feest in Abcoude, waarvoor hij anderhalf jaar cel kreeg. Beide zaken lopen momenteel in hoger beroep bij het hof in Amsterdam. Die behandeling staat gepland voor eind november en begin december 2026.
Zijn bezittingen zitten op slot
Terwijl de strafzaken liepen, verbleef Promes nog bij Spartak Moskou, wat hem destijds enige financiële ruimte gaf. Dat veranderde zodra het Openbaar Ministerie beslag legde op zijn Nederlandse eigendommen. Het gaat om vastgoed in onder meer Almere, Abcoude, Amsterdam en Utrecht. Promes mag deze panden tijdens de juridische procedures niet verkopen of gebruiken. Dat beperkt zijn directe liquiditeit aanzienlijk, ook al blijft hij op papier eigenaar van de objecten. In juni 2025 werd hij uitgeleverd aan Nederland, wat tegelijk het einde van zijn voetbalcarrière betekende.
De nieuwe claim van acht miljoen euro
Bovenop de celstraf en de beslaglegging op vastgoed kwam in mei 2026 een nieuwe klap. Het OM startte een ontnemingsprocedure en eist acht miljoen euro terug, een bedrag dat volgens justitie overeenkomt met wat Promes zou hebben verdiend aan de cocaïnesmokkel. Het OM baseert die berekening deels op onderschepte Sky ECC-berichten die aan Promes worden toegeschreven. Daarnaast eist justitie 62.000 euro van zijn neef Marylio V., die in dezelfde zaak terechtstond. Promes was niet aanwezig bij de zitting en zit nog altijd in voorarrest, nadat het hof een verzoek om vrijlating eerder afwees uit angst voor vluchtgevaar.
Wat er van zijn vermogen overblijft
Schattingen uit 2025 gingen ervan uit dat zijn beschikbare vermogen, na aftrek van de waarde van het in beslag genomen vastgoed, nog altijd rond de 20 miljoen euro lag. Dat bedrag dateert van vóór de nieuwe claim van acht miljoen euro. Mocht het OM in de ontnemingsprocedure gelijk krijgen, dan zakt dat bedrag aanzienlijk verder. Belangrijk is dat dit allemaal nog onderdeel is van lopende procedures. Niets hiervan staat definitief vast totdat het hoger beroep en de ontnemingszaak zijn afgerond. Voor een speler die ooit tot de best verdienende Nederlandse voetballers behoorde, is het een opmerkelijke omkering. Zijn vermogen wordt niet langer bepaald door clubs en sponsors, maar door rechtbanken.
Dus nee, het verhaal van Quincy Promes is geen gewoon verhaal over een sporter die zijn geld verstandig of onverstandig beheerde. Het is het verhaal van een vermogen dat is opgebouwd op het veld en nu stukje bij beetje wordt teruggeclaimd in de rechtbank, met een slotbedrag dat pas vaststaat zodra de rechter definitief heeft gesproken.

