Werken in de zorg blijft in 2026 onverminderd populair, en dat is hard nodig ook. De sector zorg en welzijn telde eind 2025 een recordaantal van 1.539.500 werknemers, en ook in de eerste helft van 2026 stroomden opnieuw meer mensen in dan er vertrokken. Toch is dat, ondanks die groei, nog altijd niet genoeg om de vraag naar zorgpersoneel bij te benen. In dit artikel zetten we op een rij waarom zoveel mensen voor een baan in de zorg kiezen, hoe groot het personeelstekort nog altijd is, en wat dat betekent voor wie overweegt in deze sector aan de slag te gaan.
Recordinstroom, maar het tekort blijft groeien
Over de twaalf maanden tot en met het vierde kwartaal van 2025 stroomden 200.200 nieuwe werknemers in bij zorg en welzijn, een stijging van 13,1 procent ten opzichte van een jaar eerder en het hoogste aantal sinds het begin van deze metingen. Dat is een indrukwekkend cijfer, en het laat zien dat de zorg als werkgever nog altijd veel mensen weet aan te trekken.
Toch blijft de kloof tussen vraag en aanbod groot. Aan het einde van het tweede kwartaal van 2026 stonden er in zorg en welzijn ongeveer 68.500 vacatures open, bijna één op de vijf van alle openstaande vacatures in Nederland. Alleen de sector handel telde op dat moment nog iets meer vacatures. Het ziekteverzuim in de sector kwam in het vierde kwartaal van 2025 uit op 7,9 procent, het hoogste percentage sinds eind 2022, wat de druk op het personeel dat wel aan het werk is verder vergroot.
Hoe groot wordt het tekort de komende jaren?
Op de langere termijn wordt het beeld nog dringender. Volgens de Rijksoverheid werken op dit moment ongeveer 1,5 miljoen mensen in zorg en welzijn, maar loopt het tekort, als er niets verandert, op tot 301.000 medewerkers in 2035. Andere prognoses, gebaseerd op cijfers van het programma Arbeidsmarkt Zorg en Welzijn, komen uit op een landelijk tekort van 327.700 werkenden in 2035, tegenover 93.500 op dit moment in 2026, ruim drie keer zoveel als nu.
De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid gaat nog een stap verder en waarschuwt dat in 2040 mogelijk één op de vier werkenden in de zorg nodig zal zijn, oplopend tot zelfs één op de drie in 2060, als er niets structureel verandert aan de organisatie van zorg in Nederland. De grootste tekorten worden verwacht in de verpleging, ouderenzorg en gehandicaptenzorg, sectoren waar de vraag door de vergrijzing het snelst toeneemt.
Waarom is werken in de zorg zo populair?
Ondanks de hoge werkdruk en het personeelstekort geeft ruim driekwart van de zorgmedewerkers aan tevreden te zijn met het werk zelf. Dat zegt veel over waarom mensen voor deze sector blijven kiezen, ondanks de bekende knelpunten. Werken in de zorg biedt directe, tastbare impact: je ziet dagelijks het verschil dat je maakt in het leven van patiënten, cliënten of bewoners, iets wat in veel andere sectoren minder concreet voelbaar is.
Daarnaast biedt de zorg een breed scala aan functies en opleidingsniveaus, van verzorgende tot gespecialiseerd verpleegkundige of arts, waardoor er voor veel verschillende achtergronden en ambities een passende plek te vinden is. Benieuwd hoe moeilijk de opleiding tot verpleegkundige precies is, en wat daarvoor nodig is? Lees ook ons artikel over hoe moeilijk de opleiding verpleegkundige is, waarin we de studie en de te verwachten uitdagingen bespreken.
Wat doet de overheid om de sector aantrekkelijker te maken?
Om het tekort te bestrijden, trekt het kabinet sinds 2023 jaarlijks 500 miljoen euro uit om het werkplezier in de zorg te vergroten, met in 2026 specifiek 53 miljoen euro beschikbaar voor onder meer betere stagebegeleiding en werkroosters die beter aansluiten op de privésituatie. Ook wordt ingezet op het verminderen van onnodige administratieve lasten, die de sector jaarlijks naar schatting 2 miljard euro kosten. Zo start in 2026 een aantal pilots waarbij wijkverpleegkundigen de situatie van patiënten beter kennen, waardoor mensen niet steeds opnieuw hun verhaal hoeven te doen, wat zowel voor patiënten als voor zorgverleners tijd en frustratie bespaart.
Ook wordt gekeken naar een betere samenwerking tussen zorgprofessionals en mantelzorgers of vrijwilligers, met duidelijke afspraken over welke taken overgedragen kunnen worden. Dat moet ervoor zorgen dat professionals meer tijd overhouden voor taken die alleen zij kunnen uitvoeren, en dat mantelzorgers het langer volhouden zonder overbelast te raken.
Parttime werken en de mismatch met de vraag
Opvallend is dat juist in de zorg en het onderwijs relatief veel mensen parttime werken, met een gemiddelde werkweek van 25 tot 28 uur. Onderzoek laat zien dat het personeelstekort in de zorg voor een groot deel opgelost zou kunnen worden als mensen met een kleine deeltijdbaan gemiddeld een uur per week meer zouden werken. Tegelijkertijd geeft ruim 18 procent van de zorgmedewerkers aan dat de werktijden niet goed aansluiten bij hun thuissituatie, wat laat zien dat het probleem niet alleen om aantallen medewerkers draait, maar ook om hoe het werk wordt georganiseerd.
Overweeg je zelf een overstap naar de zorg, bijvoorbeeld vanuit een heel ander vakgebied? Lees dan ook ons artikel over omscholen naar de zorg in 2026, waarin we de mogelijkheden voor zij-instroom en omscholing op een rij zetten.
Conclusie
Werken in de zorg blijft in 2026 en de jaren daarna een van de belangrijkste en meest kansrijke carrièrepaden in Nederland. Met een recordinstroom van nieuwe medewerkers, maar een tekort dat de komende tien jaar naar verwachting alleen maar verder oploopt, blijft de vraag naar goed personeel onverminderd groot. Voor wie op zoek is naar werk met directe maatschappelijke impact, uiteenlopende doorgroeimogelijkheden en een sector die volop investeert in het aantrekkelijker maken van het vak, blijft de zorg dan ook een van de meest voor de hand liggende keuzes, nu en in de nabije toekomst.

